Etappe gesponsord door
GOEMINNE ELLEN & BART - BELLEGEM
WAT WAS ME DADDE ….
Op tijd opgestaan… en toch alweer te laat vertrokken. Hoe dat precies werkt, blijft een van de grote mysteries van het pelgrimsleven.😜
In Mouthier stop ik eerst bij de bakker om mijn proviand voor de middag bijeen te sprokkelen. Vlak daarnaast lonkt een gezellig terrasje met de naam La Petite Épicerie de Jade. Ik ben nog geen driehonderd meter onderweg en bezwijk al voor de verleiding. Ach ja… life can be beautiful. Ik nestel mij in een stoel en bestel een koffietje.
Daar raak ik aan de praat met Kristel — niet mijn tantje Kristel 😉 — een Nederlandse die Amsterdam achter zich heeft gelaten en, net als ik, Rome als eindbestemming heeft. Zij hoopt ergens in augustus aan te komen. Pelgrims/wandelaars hebben soms weinig nodig om elkaar te begrijpen: een koffie, een rugzak en een gedeeld vooruitzicht.
Samen verlaten we het terras en beginnen aan wat in de gids omschreven staat als een van de mooiste, maar ook meest uitdagende stukken van deze etappe.
De toon is meteen gezet. Nauwelijks op weg stuiten we op een bord dat meldt dat het pad afgesloten is wegens veiligheidswerken. Dat is even slikken. We doen een klein buurtonderzoek en vragen hier en daar of de doorgang werkelijk onmogelijk is. Tot onze opluchting krijgen we overal hetzelfde antwoord: geen probleem, gewoon verder wandelen.
Dus… we negeren het bord en beginnen aan onze kleine calvarietocht.
Hoe ik de volgende negen kilometer moet beschrijven, weet ik eigenlijk niet goed. Zelfs foto’s zouden tekortschieten. We volgen de La Loue stroomopwaarts, richting haar bron, en worden ondergedompeld in een decor dat voortdurend verrast.
Eerst passeren we een elektriciteitscentrale, midden in het gebergte geplant, gevoed door het neerstormende water van de La Loue. Daarna duiken we het bos in. Smalle paadjes slingeren tussen bomen en rotsen door, afgewisseld met stukken waar “wandelen” eerder “doorworstelen” wordt. Boomwortels en stronken liggen kriskras over het pad, terwijl de rivier soms diep onder ons verschijnt langs een smalle opening tussen het groen. Alert blijven is de boodschap.
Maar achter bijna elke bocht wacht een beloning.
Kristalhelder water, steile rotswanden en uitzichten die je even doen stilstaan. Op de lastigste passages hangen stalen kabels waaraan we ons kunnen vasthouden — gelukkig maar. Het terrein gaat ongemeen hard omhoog en omlaag. Het zweet gutst van mijn voorhoofd; ik voel mij een overkookte tomaat op wandelbenen. Ik spring over iedere hindernis als een jonge hinde😜
Na een kleine drie uur zwoegen — gemiddelde snelheid: 3,2 km per uur, en daar zijn goede redenen voor — bereiken we eindelijk de bron van de La Loue.
Een indrukwekkende plek.
De rivier ontspringt hier uit een enorme grot aan de voet van een kalkstenen rotswand, nabij Ouhans in het Juragebergte. Het is een zogenaamde karstbron: water dat kilometers ondergronds door kalksteen sijpelt, komt hier plots weer tevoorschijn. Alsof de berg zelf ademhaalt.
We vieren onze aankomst met een colaatje op het terras van Au Chalet de la Loue. Het is er behoorlijk druk — zondag wellicht — maar dat stoort niet. Daarna nemen Kristel en ik afscheid. Grote kans dat onze wegen zich hier definitief scheiden.
Bedankt, Kristel. Het was aangenaam wandelen… en nog aangenamer samen afzien.
Voor mij wacht nog een laatste inspanning.
Via het dorpje Ouhans zet ik koers richting Pontarlier. Er moet nog zo’n tweehonderd meter hoogteverschil verteerd worden, dus het puffen is nog niet voorbij. Het wandelpad slingert via Goux-les-Usiers en Vuillecin over het Jura-plateau. Open weiden wisselen af met stukken bos en geregeld openen zich prachtige zichten over de vallei. Langzaam verschijnt Pontarlier in de verte.
Alsof de Jura nog een laatste handtekening onder deze dag wil zetten, krijg ik onderweg een aangekondigde regenbui op mijn dak. Niet zomaar regen, maar echte Jura-regen: emmers tegelijk die uit de hemel worden uitgegoten. Binnen enkele minuten ben ik doorweekt, maar vreemd genoeg kan het mij weinig schelen.
Moe maar voldaan bereik ik uiteindelijk mijn eindbestemming: de jeugdherberg van Pontarlier, waar ik — ondanks mijn gezegende leeftijd — nog altijd binnen mag.
Na de obligate was- en plasbeurt trek ik de stad in richting Brasserie de la Poste & La Suite voor een stevig stuk vlees met frieten. Het smaakt zoals alleen eten kan smaken na een lange wandeldag: alsof het sterrenkeuken is.
En die 750 hoogtemeters? Die smaken achteraf ook best goed.
Ik ben klaar voor de Alpen.
Tot morgen
DA: 27
HM: 750
DM: 342
tot DA: 728
Reactie plaatsen
Reacties
Signore Surmont,
(Ja david & ik zijn ondertussen in Italië aangekomen, dus k moet da italiaans wa oefenen)
Wat een geweldige, moeilijke maar toch mooie dag weeral op uw wandeletappe.
godersi le sfide
Of int oilsjters gezeit: genietj nog van de oitdaugingen.
Graalek goe bezig
😉😎
Op tijd opstaan en te laat vertrekken.. das teken da ge op uw gemak zijt hé😂 en dan direct stevig klimmen.. ja t is blijkbaar zo plat nie meer hé😱 maar alé.. ge kunt het! Goe gedaan Bert! 💪🏼 en dan goe eten en voor daarna slopwel Bertjen!